Uitgelicht

Workshop Viola da gamba

Sonate Pian’ e forte - Giovanni Gabrieli (c. 1555 – 1612)

Piano en forte, velen zullen deze muziektermen wel kennen: zacht en hard. De Venetiaanse componist Giovanni Gabrieli gebruikte deze termen voor het eerst in een muziekstuk, rond 1600, in zijn toepasselijk getitelde ‘Sonata pian’ e forte’. Maar Gabrieli is niet alleen hierom bekend: hij was ook nog eens één van de eersten die ‘meerkorige’ muziek schreef, waarbij een vocaal of instrumentaal ensemble in groepen werd verdeeld over de ruimte. Dit moet een spectaculair effect hebben gehad in de gigantische Basiliek van San Marco in Venetië. Met zijn vaak grootse en bedwelmende muziek maakte Gabrieli veel indruk, niet alleen in Venetië maar ook in de rest van Europa, met name in Duitsland. Dit zorgde er voor dat vele componisten hem als docent wilden, waaronder Heinrich Schütz. Om het ruimtelijke effect te evenaren zullen we de koren op de strijkersdag zo ver mogelijk uit elkaar zetten.

Super flumina Babylonis – Tomas Luis de Victoria (c. 1548 - 1611)

Zoals veel andere componisten uit zijn tijd begon de Spaanse componist Tomás Luis de Victoria als koorknaap, en wel in de kathedraal van Avila. Na zijn stembreuk vertrok hij als zanger en organist naar Rome. Daar leerde hij Palestrina kennen, die Maestro di cappella was in het nabijgelegen Seminario Romano. Uiteindelijk beheerste Victoria als één van de eerste Spanjaarden de subtiele stijl van Palestrina. Victoria’s muziek was al tijdens zijn leven erg bekend en geliefd, vooral ook omdat het hem lukte een grote hoeveelheid werk te laten uitgeven in Venetië. Zijn zetting van Super flumina Babylonis bestaat uit 4 verzen en zit vol dansachtige syncopering, tekenend voor zijn Spaanse afkomst. Wie weet is het een hint dat het mogelijk is om liederen van hoop te zingen in een vreemd land.

Voor deze muziek zijn ervaren gambaspelers nodig die zelfstandig hun partij kunnen instuderen in de sleutels die ervoor staan.