Dwarsfluit

 

Hoe oud de dwarsfluit precies is, valt moeilijk te zeggen maar dat er reeds dwarsfluiten bestonden ver voor onze jaartelling staat vast. De vorm van de dwarsfluit zoals we die nu kennen is in de loop van de tijd ontwikkeld. De belangrijkste stap werd gezet door Theobald Boehm uit München rond 1830.

Omdat er aangepaste (kleinere) dwarsfluiten bestaan kunnen kinderen al vanaf ongeveer 7 jaar beginnen met dwarsfluitles.
Na 1 of 2 jaar les wordt probleemloos de overstap naar de gewone dwarsfluit gemaakt. In het begin wordt er veel aandacht besteedt aan houding, ademhaling en toonvorming. Al na enkele lessen kun je de eerste noten spelen en eenvoudige liedjes laten klinken. Om verder te komen moet je, zoals bij elk instrument, veel geduld hebben en regelmatig (liefst elke dag) oefenen. Dit harde werken wordt dan wel beloond door een stralende toon en een soepele techniek.
In de lessen wordt een lesmethode gekozen die bij de leerling past. In de lesmethodeboeken wisselen oefeningen (etudes) en speelstukken elkaar af. Diverse muziekstijlen komen aan bod. Naast de lesmethode worden er extra voordrachtstukken en duetten aangereikt.

Bij de dwarsfluitlessen pop/jazz/wereldmuziek bestaat de mogelijkheid bekende popliedjes, een swingend jazzstuk, salsamuziek enz. te spelen. De liefhebber kan zich tevens verdiepen in verschillende improvisatietechnieken. Dit alles uiteraard op basis van een goede toon en techniek. Klassieke muziek blijft daarom ook een belangrijk onderdeel van de lessen.
 

Ga naar ...

Aanbod dwarsfluit